Ook heel interessant:

Mijn kind heeft vooral een sterke wil. Is hij dan temperamentvol?

In het kort: dat kan heel goed. Ieder temperamentvol kind heeft zijn eigen mix van eigenschappen. Bij het ene kind springt de sterke wil eruit, en zijn de intensiteit en gevoeligheid er maar een klein beetje. Onder die sterke wil zit vaak een grote behoefte aan...

Peuterpuberteit of temperamentvol? Zo zie je het verschil

In het kort: iedere peuter ontdekt rond zijn tweede zijn eigen wil. Dat is gezond. Of jouw kind daarnaast temperamentvol is, hoef je niet precies te weten. Herken je je kind in veel van wat ik vertel? Dan heb je iets aan deze aanpak, want wat een temperamentvol...

Kalm en geduldig blijven: geef jezelf ruimte om te groeien

Er zijn van die momenten waarop je het gevoel hebt dat je kind je compleet uitdaagt: Je bent op een feestje en je kind duwt een ander kind weg. Voor jou voelt het misschien gênant, maar dat duwen is geen koppigheid, maar dat je kind nog iets te oefenen heeft. Bij elke...

Steeds ruzie zoeken met haar broertje

"Onze sensitieve en temperamentvolle dochter (8 jaar) doet onaardig tegen haar broertje (bijna 5). Haar toon tegen hem is vaak hard en naar. Ook kan ze enorm op hem gefocust zijn en zich aan alles irriteren. Ze is meer een verborgen temperamentvol meisje: erg gericht...

Video: Ruzie zoeken met broertje

Herken je dat? Dat je ene kind al boos is als je andere kind alleen al naar hem kijkt? Dat het soms lijkt alsof je kinderen helemaal niks van elkaar kunnen verdragen en om het minste of geringste geïrriteerd zijn over wat de ander doet? Ook een lid van de...

3 Boekentips voor als je pittige pubers vol vuur hebt

Een temperamentvol kind is temperamentvol (duh!), of die nu 3 of 13 jaar oud is. Met kinderen in de leeftijd van 4 tot en met 18 kan ik wel zeggen dat alles wat ik schrijf in mijn boek Temperamentvolle Kinderen zeker ook van toepassing is op onzekere, dwarse, pittige...

Is dit niet veel te soft? Over afstemmen, oprekken en krachtig leiding geven

“Is dit niet veel te soft?”

“Je moet gewoon wat strenger zijn.” “Als je zoveel rekening met hem houdt, leert hij nooit omgaan met tegenslag.” “Op school en later in de maatschappij houdt ook niemand zoveel rekening met hem.”

Ouders van temperamentvolle kinderen krijgen het van alle kanten te horen. Van opa en oma, van de buren, van vrienden op een verjaardag. Soms van de juf. En soms van hun eigen partner.

En misschien zit die stem ook wel een beetje in je eigen hoofd. Je ziet dat het werkt als je afstemt op je kind. Er komt meer rust, minder strijd. En toch knaagt er soms iets. Doe ik hem hier op de lange termijn wel een plezier mee? Hoe moet dat straks, op school, op zijn werk, in de maatschappij?

Ook professionals met wie ik werk, stellen me die vraag. En die vraag vind ik ook terecht. Er wordt veel geschreven over curlingouders en helikopterouders. Over kinderen die nooit meer een nee horen en ouders die ieder obstakel wegpoetsen voordat hun kind er ook maar in de buurt komt. Als je dat beeld hebt, en je hoort mij praten over druppels, emmertjes en rekening houden met je kind, dan snap ik dat je denkt: daar gáan we weer.

Maar wat ik bedoel, is iets heel anders. Sterker nog: in veel opzichten is het precies het tegenovergestelde.

In dit blog leg ik uit hoe ik ernaar kijk. En waarom ik denk dat afstemmen op je kind niet betekent dat je hem zwak maakt, maar dat je hem juist sterker maakt.

Wat ik níet bedoel

Laat ik vooropstellen: je hoeft niet alles voor je kind weg te nemen. Integendeel. Je hoeft echt niet als een paraplu boven het emmertje van je kind te hangen, zodat er nooit meer een druppel in valt. Druppels horen erbij. Een kind dat nooit iets moeilijks tegenkomt, leert ook niet hoe hij met moeilijke dingen omgaat. Frustratie, teleurstelling, wachten, iets niet krijgen: het hoort bij het leven. En kinderen hebben die ervaringen nodig om te groeien.

Curlingouderschap draait om het wegnemen van ongemak. Alles gladstrijken, zodat je kind nergens tegenaan loopt. Dat is niet wat ik je leer.

Ik leer je ook niet om alles maar goed te vinden om de lieve vrede te bewaren. Op je tenen lopen om een uitbarsting te voorkomen, steeds weer toegeven omdat je de strijd niet meer aankunt: dat is geen afstemmen. Dan gebeurt er juist iets anders. Dan neemt je kind de leiding over, en krijg je het gevoel dat je in je eigen huis niets meer in te brengen hebt. Dat is voor jou niet fijn, maar ook niet voor je kind. Want een kind dat de leiding heeft, draagt een verantwoordelijkheid die veel te groot voor hem is.

Temperamentvolle kinderen hebben juist een krachtige ouder nodig. Een ouder die er stáát. Ook als je kind tekeergaat, spartelend op de grond ligt of in huilen uitbarst.

De vraag is alleen: hoe ziet die kracht eruit?

Afstemmen is iets heel anders dan wegnemen

Afstemmen betekent: kijken wat jouw kind op dit moment aankan. En van daaruit verder bouwen.

De Russische psycholoog Lev Vygotsky beschreef daar al bijna honderd jaar geleden een prachtig begrip voor: de zone van naaste ontwikkeling. Je kunt het zien als drie cirkels.

  • Wat je kind al zelf kan. Hier gebeurt weinig nieuws. Fijn en veilig, maar je kind groeit er niet van.
  • Wat je kind nog niet kan, maar wel met een beetje hulp. Dit is de zone van naaste ontwikkeling. Hier leert je kind het meest.
  • Wat voor je kind (nog) te veel is. Hier raakt een kind overspoeld. En een overspoeld kind leert niets, behalve dat het weer niet gelukt is.

De kunst van opvoeden is je kind steeds in die middelste zone te houden. Niet alles voor hem doen, want dan blijft hij in de eerste cirkel hangen. Maar hem ook niet in het diepe gooien, want dan belandt hij in de derde.

In de onderwijswereld noemen ze dat ook wel steigers bouwen. Je biedt precies genoeg ondersteuning dat je kind het net kan. En als het lukt, haal je stapje voor stapje een steiger weg.

Waarom dit bij temperamentvolle kinderen extra belangrijk is

Bij temperamentvolle kinderen ligt die grens tussen “net te doen” en “veel te veel” vaak ergens anders dan bij andere kinderen. Ze ervaren veel dingen intenser. Hun emmertje loopt sneller vol. Iets wat voor een klasgenootje een kleine stap is, kan voor jouw kind een enorme sprong zijn.

Neem een verjaardagsfeestje. Je kunt zeggen: hij moet gewoon leren dat feestjes druk zijn, dus hij gaat en hij blijft tot het einde. Grote kans dat het emmertje halverwege overloopt, en dat het feestje eindigt in tranen of een ontploffing. Wat heeft je kind dan geleerd? Dat feestjes vreselijk zijn, en dat hij het niet kan.

Je kunt ook zeggen: dan slaan we feestjes voortaan maar over. Dan voorkom je de ontploffing, maar leert je kind ook niet dat hij het wél kan.

Of je stemt af. Je bereidt hem goed voor, je spreekt af dat hij een uurtje gaat, en je haalt hem op terwijl het nog leuk is. Hij komt thuis met een succeservaring: het is me gelukt. De volgende keer blijft hij misschien anderhalf uur. En zo rek je zijn draagkracht stap voor stap op.

Dat is geen soft opvoeden. Dat is gericht opvoeden. Want elke keer dat iets lukt, bouwt je kind niet alleen een vaardigheid op, maar ook vertrouwen in zichzelf. En dat vertrouwen is precies wat hij nodig heeft om de volgende stap te durven zetten.

Macht of kracht

Dan de leiding. Want afstemmen betekent niet dat je kind bepaalt wat er gebeurt. Er zijn dingen die gewoon moeten. Tanden poetsen. Naar school. Stoppen met slaan. Daar sta jij voor, en daar blijf je voor staan.

Alleen is er een groot verschil tussen macht en kracht.

Macht is: je stem verheffen, dreigen, straffen, “omdat ik het zeg”. Het lijkt misschien stevig, maar meestal komt het voort uit wanhoop of machteloosheid. Veel ouders herkennen dat. “Hij luistert pas als ik echt boos word. Maar dan is hij juist helemaal overstuur.” Of: “Ik wil helemaal geen straf geven, maar het lijkt wel het enige wat helpt.”

Kracht is iets anders. Kracht zit in je uitstraling, in je rust, in je stem. Je bent helder over wat er gebeurt, je blijft vriendelijk, en je laat je niet van je stuk brengen. Je kunt begrip hebben voor de boosheid van je kind én blijven staan. “Ik snap dat je nog wilt spelen. Het is heel jammer. En we gaan nu toch naar boven.”

Temperamentvolle kinderen schieten bij macht bijna altijd in de weerstand. Hoe harder jij duwt, hoe harder zij terugduwen. Maar een ouder die er rustig en krachtig staat, daar kunnen ze op leunen.

Een sterke wil leer je inzetten, niet breken

En mocht het je al lukken om met macht je zin te krijgen, dan is de vraag: wat heb je dan eigenlijk bereikt? Dan heb je de sterke wil van je kind onderdrukt. En dat is zonde.

Een sterke wil is een prachtige eigenschap. Het zijn de kinderen die later opkomen voor zichzelf en voor anderen. Die niet zomaar meegaan met de groep. Die doorzetten als het moeilijk wordt. Bij volwassenen bewonderen we die eigenschap enorm.

Wat je wilt, is niet dat je kind zijn wil verliest. Wat je wilt, is dat hij leert om die wil op een goede manier in te zetten. Dat hij leert om voor zichzelf op te komen terwijl hij tegelijkertijd rekening houdt met een ander. Dat hij de grenzen van een ander respecteert. En dan niet omdat dat móet, maar omdat hij weet dat dat het juiste is om te doen. Dat leer je hem niet door zijn wil te breken, maar door hem te begeleiden.

Opvoeden is voorleven

En misschien is dit wel het belangrijkste punt.

Veel ouders willen dat hun kind flexibeler wordt. Dat hij meer meewerkt, meer rekening houdt met anderen, beter met teleurstelling omgaat. Logisch.

Maar kinderen leren vooral van wat ze zien. Als jij zegt “jij doet gewoon wat ik zeg, punt”, wat leer je je kind dan? Dat degene met de meeste macht bepaalt. Dat je niet hoeft te luisteren naar wat een ander voelt. Dat je je zin krijgt door harder te duwen.

Als je wilt dat je kind leert rekening te houden met anderen, dan helpt het enorm als hij ervaart hoe dat voelt. Dat iemand naar hem luistert, zijn gevoel serieus neemt, en tóch een duidelijke grens stelt. Zo leer je hem niet alleen wát hij moet doen, maar ook hoe je met elkaar omgaat als je het niet met elkaar eens bent.

“Maar op school en later houdt toch ook niemand rekening met hem?”

Dat klopt. En juist daarom is het zo belangrijk wat je thuis doet.

Denk eens aan hoe je zelf iets nieuws leert. Leer je beter zwemmen als iemand je in het diepe gooit en roept dat je het maar moet kunnen? Of als je eerst in het ondiepe oefent, met iemand naast je, en steeds een stukje verder durft?

Kinderen leren niet omgaan met moeilijke situaties door er zo vaak mogelijk in te verdrinken. Ze leren het door steeds weer te ervaren dat ze het aankunnen. Met een beetje hulp, en daarna steeds een beetje meer zelf. Een kind dat thuis keer op keer voelt dat het niet lukt, gaat niet sterker naar school. Een kind dat thuis leert hoe hij zichzelf weer rustig krijgt, hoe hij een teleurstelling verdraagt en hoe hij om hulp vraagt, neemt die vaardigheden wél mee.

En er is nog iets. Een kind met een overvol emmertje kan op school niet laten zien wat hij kan. Als je thuis zorgt dat dat emmertje niet steeds overloopt, en de batterijtjes weer worden opgeladen, heeft hij op school juist méér ruimte om met lastige situaties om te gaan.

De ouders die bij mij de cursus volgen, vertellen me dat ook. Niet dat hun kind nu alles makkelijk vindt. Maar dat hij meer aankan, sneller weer tot rust komt en vaker zelf zijn weg vindt. Dat is precies waar het om gaat.

Krachtig én liefdevol

Het is geen kwestie van óf streng óf lief. Óf je kind laten doorbijten óf alles voor hem regelen. Je kunt duidelijk zijn én vriendelijk. Grenzen stellen én begrip tonen. Je kind uitdagen én hem steunen.

Dat is wat ik ouders leer. Kijken wat jouw kind nodig heeft, en hem van daaruit stap voor stap laten groeien. Met een ouder naast zich die er staat.

Dus ben jij de partner die kritisch meeleest? Heel goed. Je wilt dat jullie kind sterk wordt. Dat wil ik ook. We verschillen misschien alleen van mening over de weg ernaartoe.

Wat je bij mij leert

  • In mijn boek Temperamentvolle Kinderen lees je de basis van deze manier van kijken.
  • Op Instagram en LinkedIn deel ik regelmatig inzichten en herkenbare situaties.
  • In mijn online cursus Begrijp je temperamentvolle kind neem ik je elf weken stap voor stap mee, met livesessies waarin ik met je meekijk naar wat bij jouw kind past.
  • En iedere zondag schrijf ik een nieuwsbrief. Hier kun je je daarvoor inschrijven.

Voor de liefhebber: wat zegt onderzoek?

Ben je nieuwsgierig naar de onderbouwing? Hieronder zet ik kort op een rij waar deze manier van kijken op aansluit. Ik maak daarbij onderscheid tussen wat onderzoek laat zien en mijn eigen pedagogische visie. Het emmertje, de druppels en de batterijtjes zijn een praktisch model, geen wetenschappelijk getoetst verklaringsmodel.

De zone van naaste ontwikkeling en steigers bouwen. Vygotsky beschreef dat kinderen het meest leren in het gebied net boven wat ze zelf kunnen, met hulp van een volwassene. Wood, Bruner en Ross introduceerden in 1976 het begrip scaffolding: ondersteuning die precies aansluit bij wat een kind nodig heeft, en die wordt afgebouwd naarmate het kind meer zelf kan.

Warm én veeleisend. Diana Baumrind onderscheidde in de jaren zestig verschillende opvoedstijlen. De zogenaamde gezaghebbende stijl, waarin ouders warm en responsief zijn én duidelijke verwachtingen stellen, hangt in veel onderzoek samen met gunstiger uitkomsten dan een autoritaire stijl (veel controle, weinig warmte) of een toegeeflijke stijl (veel warmte, weinig sturing). Het gaat daarbij wel om samenhang, en de uitkomsten verschillen per context en cultuur.

Structuur is iets anders dan controle. Onderzoekers maken onderscheid tussen gedragsmatige sturing (duidelijke regels, structuur, toezicht) en psychologische controle (sturen via schuld, dreigen met liefdesonttrekking, druk). Structuur hangt in onderzoek samen met positieve uitkomsten, psychologische controle juist met meer problemen. Grolnick en Pomerantz pleiten er daarom voor om structuur en autonomie-ondersteuning niet als tegenpolen te zien.

Gehoorzamen of echt willen meewerken. Grazyna Kochanska onderscheidt situationele gehoorzaamheid (een kind doet het omdat het moet) van toegewijde medewerking (een kind neemt de regel als het ware over). In haar onderzoek hing een wederzijds responsieve relatie tussen ouder en kind samen met meer toegewijde medewerking en de ontwikkeling van een geweten.

Macht en weerstand. Een grote meta-analyse van Gershoff en Grogan-Kaylor (2016) vond dat lijfstraffen samenhangen met meer agressie en antisociaal gedrag en geen verbetering van gedrag op de lange termijn. Dat gaat over fysiek straffen, niet over alle vormen van macht, maar het past bij het bredere beeld dat macht op korte termijn kan werken, en op lange termijn vaak niet.

Overparenting. Onderzoek naar overbetrokken ouderschap laat zien dat het wegnemen van alle uitdagingen samenhangt met minder zelfvertrouwen en minder zelfredzaamheid. Dat is precies waarom afstemmen iets anders is dan wegnemen: het doel is juist dat een kind zelf leert omgaan met uitdagingen.

Stress die je aankunt. Het Center on the Developing Child van Harvard onderscheidt positieve, verdraagbare en toxische stress. Uitdagingen die een kind met steun van een vertrouwde volwassene kan doorstaan, helpen bij het ontwikkelen van veerkracht. Juist die steun maakt het verschil.

Goodness of fit. Thomas en Chess lieten al in de jaren zeventig zien dat het niet alleen om het temperament van een kind gaat, maar om hoe goed dat past bij de verwachtingen en de aanpak van de omgeving.

Bronnen

  • Vygotsky, L.S. (1978). Mind in Society: The Development of Higher Psychological Processes. Harvard University Press.
  • Wood, D., Bruner, J.S. & Ross, G. (1976). The role of tutoring in problem solving. Journal of Child Psychology and Psychiatry, 17(2), 89–100.
  • Baumrind, D. (1966). Effects of authoritative parental control on child behavior. Child Development, 37(4), 887–907.
  • Barber, B.K. (1996). Parental psychological control: Revisiting a neglected construct. Child Development, 67(6), 3296–3319.
  • Grolnick, W.S. & Pomerantz, E.M. (2009). Issues and challenges in studying parental control: Toward a new conceptualization. Child Development Perspectives, 3(3), 165–170.
  • Kochanska, G. & Aksan, N. (1995). Mother-child mutually positive affect, the quality of child compliance to requests and prohibitions, and maternal control as correlates of early internalization. Child Development, 66(1), 236–254.
    Kochanska, G. (2002). Mutually responsive orientation between mothers and their young children: A context for the early development of conscience. Current Directions in Psychological Science, 11(6), 191–195.
  • Gershoff, E.T. & Grogan-Kaylor, A. (2016). Spanking and child outcomes: Old controversies and new meta-analyses. Journal of Family Psychology, 30(4), 453–469.
  • Segrin, C. e.a. (2012). The association between overparenting, parent-child communication, and entitlement and adaptive traits in adult children. Family Relations, 61(2), 237–252.
  • National Scientific Council on the Developing Child (2005/2014). Excessive Stress Disrupts the Architecture of the Developing Brain. Working Paper 3. Harvard University.

Thomas, A. & Chess, S. (1977). Temperament and Development. Brunner/Mazel.

Ook heel interessant:

Peuterpuberteit of temperamentvol? Zo zie je het verschil

Peuterpuberteit of temperamentvol? Zo zie je het verschil

In het kort: iedere peuter ontdekt rond zijn tweede zijn eigen wil. Dat is gezond. Of jouw kind daarnaast temperamentvol is, hoef je niet precies te weten. Herken je je kind in veel van wat ik vertel? Dan heb je iets aan deze aanpak, want wat een temperamentvol...

Lees meer
Kalm en geduldig blijven: geef jezelf ruimte om te groeien

Kalm en geduldig blijven: geef jezelf ruimte om te groeien

Er zijn van die momenten waarop je het gevoel hebt dat je kind je compleet uitdaagt: Je bent op een feestje en je kind duwt een ander kind weg. Voor jou voelt het misschien gênant, maar dat duwen is geen koppigheid, maar dat je kind nog iets te oefenen heeft. Bij elke...

Lees meer
Steeds ruzie zoeken met haar broertje

Steeds ruzie zoeken met haar broertje

"Onze sensitieve en temperamentvolle dochter (8 jaar) doet onaardig tegen haar broertje (bijna 5). Haar toon tegen hem is vaak hard en naar. Ook kan ze enorm op hem gefocust zijn en zich aan alles irriteren. Ze is meer een verborgen temperamentvol meisje: erg gericht...

Lees meer
Video: Ruzie zoeken met broertje

Video: Ruzie zoeken met broertje

Herken je dat? Dat je ene kind al boos is als je andere kind alleen al naar hem kijkt? Dat het soms lijkt alsof je kinderen helemaal niks van elkaar kunnen verdragen en om het minste of geringste geïrriteerd zijn over wat de ander doet? Ook een lid van de...

Lees meer
3 Boekentips voor als je pittige pubers vol vuur hebt

3 Boekentips voor als je pittige pubers vol vuur hebt

Een temperamentvol kind is temperamentvol (duh!), of die nu 3 of 13 jaar oud is. Met kinderen in de leeftijd van 4 tot en met 18 kan ik wel zeggen dat alles wat ik schrijf in mijn boek Temperamentvolle Kinderen zeker ook van toepassing is op onzekere, dwarse, pittige...

Lees meer

Wil je op de hoogte blijven?

Meld je aan voor de nieuwsbrief.

Eva Bronsveld, grondlegger van het gedachtegoed temperamentvolle kinderen, deelt elke zondagochtend een inspirerende nieuwsbrief vol praktische tips, herkenbare verhalen en inzichten over het opvoeden en begeleiden van temperamentvolle kinderen.

Wil je graag meer rust, begrip en handvatten in de opvoeding? Meld je dan aan voor de nieuwsbrief en ontvang waardevolle inspiratie rechtstreeks in je mailbox.